Na jaren van voorbereiding is op maandag 28 december 2009 in alle Europese lidstaten de Dienstenrichtlijn een feit geworden. Voor bedrijven met exportplannen wordt de Europese markt hierdoor toegankelijker. Vanachter hun bureau in Nederland kunnen zij online al een hoop informatie vinden en ook de formaliteiten regelen om bijvoorbeeld in Duitsland, Italië of Frankrijk aan de slag te gaan.
Een onderzoek van EuroChambers, de Europese koepelorganisatie van de Kamers van Koophandel, heeft aangetoond dat slechts 9 van de 27 EU-lidstaten de Dienstenrichtlijn succesvol geïmplementeerd hebben. De overige 18 lidstaten voldoen niet of nauwelijks aan de plichten die voortvloeien uit de Richtlijn.
Op dinsdag 10 november heeft de Eerste Kamer de Dienstenwet aangenomen. Daarmee is een belangrijke stap gezet in het voltooien van de invoering van de Dienstenrichtlijn. Voor decentrale overheden vormt de Dienstenwet de basis voor een aantal verplichtingen uit de Dienstenrichtlijn, zoals het Dienstenloket, de algemene voorschriften voor vergunningenstelsels en vergunningen en de randvoorwaarden voor het gebruik van het IMI-systeem.
De Dienstenrichtlijn stopt voor decentrale overheden niet na de implementatie eind 2009. Integendeel. Vanaf 2010 moeten gemeenten, provincies en waterschappen zich bewust blijven van de eisen die de Dienstenrichtlijn stelt aan regulering van dienstverlening. De praktische publicatie 'De Dienstenrichtlijn. Handreiking voor decentrale overheden' biedt u daarbij een handvat.
De implementatie van de Dienstenrichtlijn door de EU-lidstaten is over het algemeen vergevorderd. Dit betekent niet dat de lidstaten nu achterover kunnen gaan leunen. In veel gevallen is de screening nog niet voltooid en zijn de Dienstenloketten nog niet operationeel. Een aantal lidstaten zal daarom hun inzet om de deadline te halen sterk moeten verhogen. Nederland is op schema wat betreft de implementatie. Dat schrijft minster van der Hoeven in een brief aan de Tweede Kamer.
Gemeenten dienen, net als andere overheden, voor het eind van 2009 hun gescreende regelgeving in het kader van de Dienstenrichtlijn aanvullend door te lichten. De VNG gaat in een ledenbrief van 4 september 2009 nader in op de onderdelen van deze aanvullende doorlichting. Ook worden de consequenties voor de VNG-modelverordeningen die onder de werking van de Dienstenrichtlijn vallen, en de gevolgen voor de gemeentelijke praktijk belicht.
Eind dit jaar moeten alle overheden in de EU voldoen aan de Dienstenrichtlijn. De Dienstenrichtlijn regelt dat beroepsbeoefenaars en ondernemers in de ene lidstaat, langs elektronische weg toegang hebben tot informatie die berust bij de overheden in de andere lidstaten. Informatie over de voorwaarden waaronder zij hun beroep of bedrijf daar kunnen uitoefenen; welke vergunningen zij dan nodig hebben. Aanvragen voor die vergunningen moeten daar elektronisch kunnen worden ingediend.
Onlangs heeft de VNG haar model legesverordening aangepast aan de Dienstenrichtlijn (en aan de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wabo) in de vorm van een werkmodel. De VNG beseft dat gemeenten in het kader van de Dienstenrichtlijn met de legesverordening aan de slag moeten aangezien de Dienstenrichtlijn de mogelijkheden tot kruissubsidiëring beperkt.
Begin juli heeft de Projectgroep Implementatie Dienstenrichtlijn (PID) een overzicht uitgebracht van de decentrale taken die voortvloeien uit rijkswetgeving, die onder de reikwijdte van de Dienstenrichtlijn valt. Gemeenten, provincies en waterschappen kunnen op basis van dit overzichtbepalen of zij een vergunningverlenende, toezichthoudende en/of uitvoerende taak hebben, die zij via de elektronische weg (het Dienstenloket) moeten kunnen uitvoeren.